Faalangst verminderen

Een gebeurtenis” leidt tot  “een gedachte” die bepaalt “het gevoel” . “Dat gevoel” bepaalt weer “het gedrag en dat heeft weer gevolgen.

Bepaalde situaties kunnen leiden tot een bepaalde “gedachte”, bijvoorbeeld dat de taak zal mislukken. De “gedachte” van een mens tegenover een bepaalde situatie bepaalt dus zijn denkwijze. Deze “gedachte” is (bij faal) angst meestal het gevolg van een negatieve ervaring. (Faal)

Angst heeft niet één oorzaak, maar meerdere oorzaken tegelijk. Het kan daarbij gaan om de sfeer in de klas, de persoonlijkheid van een leerkracht, het niet succesvol toetsen maken, de situatie thuis en de persoonlijke aanleg van de faalangstige persoon. De negatieve “gedachte” is vaak situatie gebonden en geldend voor een bepaalde “gebeurtenis“.

In extreme gevallen leidt dit ook tot lichamelijke reacties zoals zweten, duizelig worden e.d.

Faalangst is uit te leggen als conditionering van gedrag op een destructieve manier. Dit heeft namelijk alles te maken met de manier van denken.

Het is aan mensen goed uit te leggen wat er gebeurt.

Daardoor is iemand ook in staat, de negatieve “gedachte” te vervangen door een positieve “gedachte” en dus een positieve reactie te geven en ontvangen.